WELDOORDACHT

Afdrukken

Wat is een weldoordachte, blauwe spreker?

De "blauwe" stijl is een indirecte, gestructureerde en op content gefocuste aanpak. Gericht op:

  • Structuur
  • Logica
  • Verdieping
  • Onderbouw
  • Kennis 

Net als de "rode" is het een eerder op ratio- en taakgerichte sprekersstijl. En vaak de allergie van de "gele", entertainende stijl en omgekeerd.

"Mag ik dit zeggen? Is dit wel correct? En ben ik volledig?" Als blauwe spreker wordt u vooral gedreven door zorgvuldig uitgekiende content.

Als publieke verschijning is de blauwe spreker een marathonloper. Door zijn kennis en degelijkheid straalt hij de betrouwbaarheid van een Zwitserse klok uit. No surprises. Consistentie en congruentie op lange termijn zijn gegarandeerd. En inhoudelijk sterk onderbouwd. Anders gaat u daar toch niet vooraan staan?

Wat niet wil zeggen dat humor in uw discours geen plaats heeft. Liefst droge, Engelse humor en absoluut ondergeschikt aan de boodschap, niet omgekeerd. Soms durft u wel eens cynisch uit de hoek te komen. Wanneer u het heeft over al te gemakkelijke veronderstellingen en veralgemeningen. De waarheid heeft zo zijn rechten.

U houdt stringent vast aan uw voorbereiding en volgt even nauwgezet uw plan. Vragen pareert u makkelijk met verwijzingen naar historische data, studies en literatuur.

De temperatuur van een blauwe zaal is duidelijk enkele graadjes koeler. Met focus op wat u te zeggen hebt. Hun stilzwijgende aandacht bevestigt dat mensen gekomen zijn om te luisteren.

Bij het verlaten van de zaal is uw publiek meer dan gevoed. Ze kwamen om iets te leren. Wel ze hebben iets geleerd. Wanneer u over één van uw selecte favoriete onderwerpen spreekt, dan mag uw publiek van ver komen. 

Voorbeelden van blauwe sprekers:

Onze politici Frank Vandenbroucke, Karel De Gucht en Yves Leterme mogen tot de meer blauwe sprekersschool gerekend worden. De helaas betreurde wielrenner VDB was duidelijk een geel spreker en columnist.

Ex-VS-Minister van Buitenlandse Zaken, Henry Kissinger, behoort nog steeds tot het internationaal vermaarde, blauwe sprekersgild.   

Wat kenmerkt een blauw publiek?

  • Indirect, eerder afstandelijk, vrij serieus;
  • Geen instant commentaar, weldoordachte vragen;
  • Stilzwijgende aandacht;
  • Veel discipline en beheersing;
  • Weinig expressieve lichaamstaal.

Hoe benadert u een blauw gekleurd publiek?

  • U hebt iets te vertellen (logisch niet?);
  • Wees op alles voorbereid;
  • Vertrek vanuit een heldere doelstelling;
  • Agenda en structuur zijn duidelijk;
  • Zorg voor een degelijke, logische opbouw;
  • Idem voor de conclusie en call to action.

Wat zijn de valkuilen van een niet-blauwe spreker ten aanzien van een blauw publiek? 

  • Onvoorbereid uw ding doen;
  • Vaag blijven, niet concreet worden;
  • Gebrek aan accuratesse (cijfers en andere data);
  • Uw structuur loslaten, buiten uw kader gaan;
  • Zich weinig tactvol gedragen;
  • Uw publiek willen aanzetten tot het nemen van te grote stappen;
  • Uw beloftes niet waar maken: een blauwe zaal vergeet niet;
  • Uw publiek onderschatten of bekritiseren;
  • Panikeren bij stiltes of het ontbreken van nonverbale stimulering (een blauwe zaal is beheerst)
  • Overdaad aan aandachtstrekkers;
  • Een spontaan interactief publiek verwachten;
  • Vragen verwarren met kritiek;
  • De emotie laten overheersen op de ratio.

Wat zijn de valkuilen als blauwe spreker ten aanzien van een heterogeen publiek?

  • Enkel oog voor het linker brein (ratio);
  • Te weinig of niet voor het rechter brein (emo en creativiteit);
  • Te weinig aandacht besteden aan nonverbale communicatie en stemgebruik (Herman Van Rompuy);
  • Kritische opmerkingen persoonlijk nemen;
  • Elke vorm van experiment uit de weg gaan;
  • Zichzelf in details verliezen;
  • Soms te gemakkelijk toegeven en zijn punt niet maken;
  • De exactheid laten primeren op duidelijkheid (bewust vermijden van metaforen);
  • Emotie uit de weg gaan (en deze zeker niet verbaliseren);
  • De pedalen verliezen bij onverwachtse omstandigheden;
  • Te weinig geloof in eigen kennis en kunnen (hoe meer u weet, hoe meer u beseft hoe weinig u weet).